Zelfstandig bloed prikken met één hand: nieuw meettoestel voor mensen met diabetes
Bloed prikken om glucosewaarden te meten lijkt op het eerste gezicht een eenvoudige handeling. Toch zijn er mensen met diabetes die hier hulp bij nodig hebben. “Wat als er een meetinstrument zou bestaan waarmee je met één hand en in één simpele beweging je bloed kan prikken?”, vroeg Ilde Van den Bulck, teamleider diabetes en voetkliniek van het AZ Sint-Maarten, zich af. Ze liet het niet bij een vraag, maar schakelde de expertise in van enkele knappe koppen aan de Universiteit Antwerpen. Het resultaat? Een ingenieus en laagdrempelig meetinstrument dat in 3D geprint kan worden en slechts één euro kost.
Als diabeteseducator helpt Ilde dagelijks mensen met diabetes om zelfstandig om te gaan met diabetesmateriaal. “Voor velen is bloed prikken een routine, maar dat geldt niet voor iedereen”, legt ze uit. “Mensen met een fysieke beperking, zoals een verlamming of amputatie, moeten zich in moeilijke bochten wringen of zijn afhankelijk van anderen. Hetzelfde geldt voor mensen met een visuele beperking. Daar moest toch een oplossing voor bestaan? Een hulpmiddel waardoor alle mensen met diabetes zelfstandig hun waarden kunnen meten. Daarnaast kan zo’n tool ook een aanzienlijke tijdswinst opleveren voor thuisverpleegkundigen. Als patiënten zelf kunnen prikken, krijgen verpleegkundigen ondertussen de tijd om zich te focussen op andere essentiële taken.”
Van idee naar realisatie
Ilde ging op zoek naar een antwoord. Personen met diabetes type 2 opgevolgd in de conventie hebben onder specifieke voorwaarden recht op sensoren die de waarden meten. Maar voor patiënten in een zorgtraject is dit geen optie wegens te duur. Ze besloot dan maar om zelf de hulp van technologie in te schakelen. “Ik heb nog even overwogen om Lieven Scheire aan te schrijven”, lacht Ilde. “Maar via via ben ik bij het iMagineLab van de Universiteit Antwerpen terechtgekomen. Ik had zelf al een oplossing in gedachten, maar die bleek te complex te zijn. Het uiteindelijke resultaat blinkt uit in eenvoud.”
Het team van ingenieurs, zowel onderzoekers als studenten, ontwikkelden enkele prototypes die Ilde uittestte bij haar eigen educatoren. Uiteindelijk kwam er een eenvoudig maar revolutionair ontwerp uit de bus: een houdertje waarin de bloedprikker vastklikt en dat eenvoudig aan een muur of tafelpoot bevestigd kan worden. Door er aan de onderkant op te duwen, kan de gebruiker zichzelf prikken – zonder hulp van derden.
Meer vrijheid en zelfstandigheid
“Dit meettoestel overtreft mijn verwachtingen”, zegt Ilde trots. “Mensen met diabetes zijn nu niet meer voortdurend afhankelijk van anderen. Ze krijgen een stukje controle terug over hun eigen gezondheid, tegelijk winnen ze vrijheid. Onderschat niet hoe belangrijk dat voor hen is.”
Ook thuisverpleegkundigen plukken er de vruchten van. “Terwijl de patiënt zelfstandig de glucosewaarde meet, kan de verpleegkundige meteen de insulinedosering aanpassen. Dat bespaart kostbare tijd. Enkel het vervangen van de naald vereist nog assistentie.”
Niet alleen is het meetinstrument eenvoudig in gebruik, het is ook betaalbaar en toegankelijk. “Het enige wat je nodig hebt, is een 3D-printer. De software is gratis online te downloaden, maar wie dat wenst, kan het toestel ook via ons bestellen.” En het stopt hier niet. Achter de schermen wordt al gewerkt aan verdere optimalisatie, zodat het toestel ook onderweg gebruikt kan worden. Een innovatie om in de gaten te houden.
Wil je ook een meettoestel aanvragen voor een patiënt of voor in je ziekenhuis? Dat kan via diabetesconventie AZ Sint Maarten via e-mail op diabetes.AZSTM@emmaus.be of telefonisch op 015 89 20 42.
“Neem de dag zoals hij komt”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Anke Kerkhofs (32 jaar) is hoofdverpleegkundige in het Ziekenhuis aan de Stroom (ZAS) in Antwerpen en lid van de werkgroep Hoofdverpleegkundigen.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Ik zag mezelf nooit achter een bureau zitten, maar wilde me actief inzetten voor de mens en maatschappij. De keuze voor verpleegkunde werd vooral gevoed door mijn interesse in één specifieke doelgroep: ouderen. Tijdens mijn studies werd die passie alleen maar sterker. Met een master in de gerontologie als resultaat. Mijn stageplaats werd mijn werkplek, waar ik doorgroeide tot hoofdverpleegkundige.
Wat boeit je in je job?
Geen enkele dag is dezelfde en dat maakt mijn werk zo boeiend. ’s Ochtends start ik met een blik op de agenda en kijk ik wat de dag brengt. Als hoofdverpleegkundige schakel ik voortdurend tussen klinisch werk, teamcoördinatie, beleidsontwikkeling en kwaliteitsbewaking. Die mix houdt me scherp. De directe zorg draag ik vaker over aan mijn team, maar als het nodig is, spring ik zonder aarzelen bij.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Kalmte bewaren, zeker op een acute geriatrische afdeling. Patiënten komen vaak ernstig ziek binnen en hun toestand kan in een vingerknip omslaan. Het ene moment lijkt alles stabiel, het volgende is het alle hens aan dek. In zo’n situaties is paniek geen optie. Een goede verpleegkundige op een geriatrische afdeling kan in acute stresssituaties het overzicht bewaren en de juiste prioriteiten stellen. Mijn tip? Neem de dag zoals hij komt.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
Als hoofdverpleegkundige ligt de schoonheid van mijn werk niet alleen in de zorg voor de patiënten, maar vooral in het team erachter. Voor mij is een positieve werksfeer net zo belangrijk als kwaliteitsvolle patiëntenzorg. Daarom waak ik voortdurend over het welzijn van elke collega. Ik spreek niet graag over ‘personeel’, maar liever over een team. Want dat is echt wat we zijn. Samen brainstormen, verbeteringen zoeken en quick wins realiseren – met de nadruk op ‘samen’: dat geeft me de grootste voldoening.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Als het team op het tandvlees zit, gaan bij mij de alarmbellen af. Ik ben geen stresskip, maar als de sfeer onder de werkdruk lijdt, wringt het bij mij. Drukte en uitval van collega’s legt extra druk op de rest, en dat baart me wel eens zorgen: houden ze het wel vol? Hoe betrokken je ook bent, je kan niet alles in de hand hebben. En dat is soms een bittere pil.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Geriatrie beter op de kaart zetten. Door de vergrijzing zal de vraag naar ouderenzorg alleen maar toenemen. Toch blijft het aantal verpleegkundigen dat voor geriatrie kiest achter. Jammer, want het is zo’n boeiend en waardevol werkveld. Daarom zet ik mij in om de clichés rond ouderenzorg te ontkrachten door les te geven aan de verpleegkundigen van morgen. Ook via sociale media, zoals een Instagramkanaal, proberen we de schoonheid en impact van geriatrische zorg in de kijker te zetten.
Wat doe je in je vrije tijd?
Naast mijn job geniet ik met volle teugen van mijn gezin. Ik ben graag buiten en trap regelmatig met de bakfiets door de rustige straten in mijn buurt. Ik woon heerlijk landelijk, op zo’n 30 kilometer van mijn werk. Ideaal voor een evenwichtige work-lifebalance.
"We zijn een cruciale schakel in het genezingsproces"
In het AZ Oudenaarde gaan zorg en technologie hand in hand op de afdeling medische beeldvorming. Hier werken verpleegkundigen met een hart voor hun vak, de patiënten en hun collega’s. Een van de sterkhouders in dit team is Parel van een Verpleegkundige Luc Dhont: “Wie beweert dat we hier alleen maar op knopjes drukken, heeft het bij het verkeerde eind.”
Diversiteit is een van de sterktes op de afdeling medische beeldvorming in het AZ Oudenaarde. De verpleegkundigen hebben verschillende karakters, achtergronden en expertises, maar samen vormen ze een geoliede machine. “Nieuwe collega’s en stagiairs ontvangen we met open armen”, zegt hoofdtechnoloog Gianni Claessens. “Je voelt meteen of de klik er is, en meestal zit dat wel goed. Die cohesie is nodig om de beste kwaliteit van zorg te bieden.”
Die diversiteit geldt niet alleen voor het team. Ook de patiëntenpopulatie en ziektebeelden zijn uiteenlopend. “We zien dagelijks veel patiënten met heel gevarieerde letsels”, aldus Luc. “Dat maakt de job zo boeiend. Sommigen denken dat we hier alleen maar op knopjes drukken, maar dat is echt een misvatting. We zijn een cruciale schakel in het genezingsproces.”
Positieve vibe in stand houden
Het teamgevoel spat ervan af en veel medewerkers werken er al jaren. Luc, bijvoorbeeld, maakt al 35 jaar deel uit van het team. “Hij is geen uitzondering”, aldus Gianni. “Dat zegt genoeg over de fijne sfeer. Die positieve vibe houden we in stand door gezellige momenten samen te creëren.”
Het grote voordeel? Deze afdeling heeft een van de grootste en meest lichtrijke keukens van het ziekenhuis. Een perfecte plek voor een lunchpauze met collega’s. En ja, dan mag het al eens iets meer zijn. Luc: “Het gebeurt dat we pizza’s bestellen. Dit jaar deden we ook een Secret Santa, wat tot leuke verrassingen en boeiende gesprekken leidde.” Gianni vult aan: “Jaarlijks organiseren we ook een teambuilding met de collega’s van de spoeddienst waar we nauw mee samenwerken. Dat gaat er behoorlijk competitief aan toe.”
Kortom: de dienst medische beeldvorming in het AZ Oudenaarde levert niet alleen topzorg, het is een plek waar collegialiteit en werkplezier centraal staan. En een kerstboom met seizoensdecoratie, dat ook.
Dat de verpleging wordt gezien als een roeping, steekt mij
Verpleegkundige Barbara van Ede (52) woont samen met echtgenoot Mike en hond Cosmo. Ze werkt als mediumcare verpleegkundige in het UMC Utrecht op de afdeling Neuro High Care. Ze schrijft voor Libelle over de mooie, ontroerende en humoristische dingen in haar werk.
“Verpleegster zijn is zo’n mooi werk. Het is een echte roeping.” De keren dat ik deze opmerking hoorde in mijn carrière zijn ontelbaar. Een roeping. Wat is dat eigenlijk? Ik heb nooit iemand horen roepen. En als ik al iemand hoorde roepen dat ik de verpleging in zou moeten, dan is het mijn moeder. Als zeventienjarige puber wilde ik helemaal niet de verpleging in. Het leek me stom. Eng. Maar vooral vies. Gelukkig zag mijn moeder het goed en ben ik nog altijd blij met mijn beroeps‘keuze’.
Een roeping associeer ik met nonnen. Zij zorgden begin vorige eeuw, onbetaald en gedreven door hun geloof, voor patiënten. Dat de verpleging nog altijd wordt gezien als een roeping, steekt mij. Hallo, ik heb vier jaar verpleegkunde gestudeerd, daarna volgde ik een specialisatie voor mediumcare verpleegkundige. Ik ben constant bezig om mijzelf te verbeteren en vernieuwen in mijn vak. Ja, ik werk vol passie en met enthousiasme aan het verbeteren van de gezondheid van mijn patiënten. Daarvoor heb ik doorzettingsvermogen, kennis en kunde nodig. Dat leerde ik tijdens mijn studie, maar nog veel meer in de praktijk.
Een lid van ons huidige kabinet hoorde ik een aantal jaren geleden ook zeggen: “Verpleegkunde is geen vak, maar een roeping.” Ja, dat zei ze echt nadat ze voor een tv-programma had meegelopen en meegekeken met een verpleegkundige. Wat ze misschien bedoelde is dat ze de liefde en de toewijding zag die hoort bij het uitoefenen van ons vak.
Begrijp me niet verkeerd, het is superfijn dat de politiek is begaan met de gezondheidszorg, maar zolang het vak verpleegkunde nog wordt gezien als een soort liefdadigheid voel ik mij als verpleegkundige niet serieus genomen.
Liever geven ze ons een gratis applaus in moeilijke tijden. Ik weet het nog goed: tijdens de pandemie in 2020 lag het land stil en groeide het respect voor zorgmedewerkers. Ik moest even slikken toen ik mijn huis uitliep en de hele straat hoorde klappen. Het applaus was ook voor mij. Alle mensen in de zorg kregen een nationale staande ovatie: prachtig. Toch voelde het ongemakkelijk. Het is nu vijf jaar verder en het applaus is verstomd.
Er werken geen ‘helden’ in een ziekenhuis. Ik voel mij geen held. Door mij een heldenstatus toe te kennen, wordt er gesuggereerd dat ik dit werk geheel belangeloos doe. Ik wil de waardering die verpleegkundigen verdienen: een goed salaris, behoud van collega’s en veilige werkomstandigheden.
Oja, en het is verpleegKUNDIGE en geen verpleegster.
Juridische vragen en antwoorden #4 – 2025
Heb je nood aan een juridisch antwoord op maat? Dit is gratis voor leden van NETWERK VERPLEEGKUNDE. Je stelt je vraag eenvoudigweg via juridisch.advies@netwerkverpleegkunde.be en de Juridische Adviesgroep NETWERK VERPLEEGKUNDE gaat voor jou op zoek naar het antwoord.
Mogen zelfstandige thuisverpleegkundigen prestaties verrichten bij familie?
Antwoord:
Voor deze vraag ging onze Juridische Adviesgroep te rade bij de juridische dienst van het RIZIV. In hun reglementering staat geen bepaling die verbiedt om de verzekeringstegemoetkoming toe te kennen voor zorgen die een zorgverlener verleende aan naaste familieleden of aan zichzelf. Al mag dit niet tot misbruik leiden. Het is verboden om overbodige of onnodig dure verstrekkingen uit te voeren en aan te rekenen. Daarnaast dient het ook vanuit een deontologisch standpunt veilig en verantwoord te gebeuren.
Kortom, verpleegkundige handelingen moeten met de nodige deontologische voorzichtigheid uitgevoerd worden bij familieleden, maar kunnen aangerekend en terugbetaald worden volgens de gangbare tarieven.
Wat is de rol van de verpleegkundige in de huisartsenpraktijk bij de screening naar baarmoederhalskanker?
“Wat is de rol van de verpleegkundige of vroedkundige in de huisartsenpraktijk of in een wijkgezondheidscentrum bij de screening naar baarmoederhalskanker? Is dit een B1-handeling? Mag de verpleegkundige of de vroedkundige dit uitvoeren?”
Antwoord:
Voor verpleegkundigen valt deze handeling onder “bloedafneming of staalafneming en collectie van secreties en excreties en opdracht geven tot laboratoriumanalyse daarvan”. Gaat het om een door de overheid opgezet screeningprogramma, dan is het “initiëren, uitvoeren en opvolgen van screenings voor primaire, secundaire en tertiaire preventie in het kader van overheidscampagnes”. In beide gevallen is het een B1-handeling, die door de verpleegkundige autonoom kan uitgevoerd worden. De verpleegkundige mag wel opdracht geven voor het labo-onderzoek, maar de RIZIV-wetgeving is hier nog niet op aangepast. Het labo ontvangt dus pas een terugbetaling wanneer het onderzoek wordt voorgeschreven door een arts.
Onderzoeken en behandelingen bij zwangere vrouwen zijn voorbehouden aan vroedkundigen en artsen. Verpleegkundigen mogen dit als medisch toevertrouwde handeling wel doen. Het wordt dan een C-handeling met voorschrift door de arts en een gezamenlijk opgestelde procedure.
Vroedkundigen die hun diploma behaalden voor 2018 zijn gelijkgesteld met bachelorverpleegkundigen en VVAZ. Voor hen is dit een B1-handeling. Wie als vroedkundige het diploma behaalde na 2018 mag dit ook uitvoeren. Alle vroedkundigen zijn bovendien bevoegd voor de opsporing bij zwangere vrouwen.
Sluitend vangnet, voor patiënten en voor elkaar
Parel van een verpleegkundige Britt De Jonckheere kwam als derdejaarsstudente op afdeling 42 in het PZ Onzelievevrouw in Brugge terecht. Drie jaar later werkt ze er nog steeds en met nog meer enthousiasme.
Afdeling 42 van PZ Onzelievevrouw in Brugge is een residentiële afdeling voor personen met een persoonlijkheidsstoornis. Wat deze afdeling zo bijzonder maakt, zijn de open teamgeest en de sterke onderlinge verbondenheid. “Ik kwam als studente op afdeling 42 terecht en voelde me meteen welkom”, vertelt Britt De Jonckheere. Zij werd in 2024 door haar collega’s genomineerd als Parel van een verpleegkundige. Een warme erkenning, al zet ze even graag de mensen rondom haar in de kijker. “Het oprechte gevoel van dag één is nooit verdwenen. Die gastvrijheid geldt trouwens niet alleen voor nieuwe collega’s, ook onze patiënten ontvangen we met open armen en een open blik.”
Krachten bundelen
Op de afdeling werken verschillende disciplines nauw samen om een sluitend vangnet te vormen rond de zorgvrager. “We helpen patiënten om invaliderende gedachten te ontkrachten. Al heersen ook in de buitenwereld nog veel stigma’s rond persoonlijkheidsstoornissen. Wat ons als team bindt, is de wil om dat te veranderen.” Die houding vertaalt zich in het team: er is altijd ruimte om dingen te bespreken en bezorgdheden te delen. Binnen afdeling 42 gebruikt het team dialectische gedragstherapie, een therapievorm die een helder kader biedt om in te werken. “Iedereen staat op dezelfde lijn en toch is er steeds ruimte om vanuit onze eigenheid te handelen. Elke zorgverlener, van verpleegkundige over therapeut tot psycholoog, werkt naar hetzelfde doel toe. We bundelen onze krachten om tot het beste resultaat te komen. Samen vormen we een superteam.”
Een dragend team
Die sterke verbondenheid maakt dat collega’s elkaar niet alleen binnen de werkuren leren kennen, ze zien elkaar soms ook daarbuiten. “We leren elkaar behalve als professional ook als mens kennen, dat maakt dat we honderd procent onszelf kunnen zijn op de werkvloer. Net die authenticiteit hebben onze patiënten nodig. Ze voelen het meteen als we doen alsof. Al is het ook voor onszelf heel waardevol om in een dragend team te werken. Als iemand een zware dag heeft of ergens mee zit, dan vangen we elkaar op. Altijd. Dat vangnet geldt dus evengoed voor elkaar.”
Iedereen (een) zorgjournalist
In het Vitaz-ziekenhuis zet zorgjournaliste Suzanne Gielis de medewerkers in zorgberoepen en hun patiënten positief in de kijker. Haar verhalen verschijnen op sociale en in andere media.
Als zorgjournalist heb ik een vrij unieke job, zowel in ons ziekenhuis, in de zorgsector als in de mediawereld. Het is heel zeldzaam dat iemand zich volledig mag toeleggen op positieve verhalen maken over de zorgberoepen. Enerzijds vind ik het geweldig dat ik dit mag doen. Anderzijds is het jammer dat niet meer organisaties hier op inzetten.
Het blijkt immers op zoveel manieren een meerwaarde. Samen met mij leert het grote publiek een brede waaier aan zorgberoepen (beter) kennen. Na meer dan twee jaar in de zorg leer ik nog voortdurend nieuwe functies kennen. Nog steeds verbaast het me hoeveel verschillende soorten jobs er zijn.
Bijvoorbeeld met een verpleegkundig diploma kan je tal van richtingen uit. Zo doet een verpleegkundige bij het geriatrisch supportteam iets helemaal anders dan een verpleegkundige bij intensieve zorgen. Bij geriatrie vinden ze soms de creatiefste manieren om te zorgen voor en contact te maken met personen met dementie. In hun vrije tijd breien ze zelfs snoezelmoffen. Op intensieve zorgen bouwen ze vooral met de families een band op.
Natuurlijk hebben ze ook veel gemeen. Allemaal vertellen mijn geïnterviewden vol passie over hun job en patiënten. Stuk voor stuk zijn het warme, lieve mensen. Die warmte typeert naar mijn gevoel ook de zorgsector. Dat zie ik onder meer op de sociale media. In een tijdperk waarin negatieve opmerkingen schering en inslag zijn, zie ik telkens weer een hele hoop fantastische, aanmoedigende, lieve reacties op mijn verhalen. Niet één negatieve opmerking. Straf.
De geïnterviewden krijgen nadien langs alle kanten felicitaties en complimentjes. Zelfs buiten de muren van ons ziekenhuis merken we het positieve effect. Andere zorgprofessionals en journalisten raken geïnspireerd en zoeken contact. Al dan niet met nieuwe samenwerkingen tot gevolg. We ontvangen ook vragen van lezers die voor de zorg willen kiezen. Sollicitanten geven soms aan dat de verhalen hen overtuigden om de stap te zetten. Die vonken hebben we meer dan ooit nodig.
In elke zorgorganisatie schuilen waardevolle verhalen die het verdienen om verteld te worden. Als journalist ben ik mij daarvan bewust. Helaas ontbreekt dit bewustzijn vaak nog op de werkvloer. Daarom moedig ik iedereen aan om naar buiten te treden met mooie verhalen. Want elk positief verhaal kan het verschil maken.
Misschien inspireer jij wel de volgende generatie om de stap naar de zorg te zetten. Wie weet stijgt het toenemende aantal (zij-)instromers door jou nog een beetje verder. Want jobs met een maatschappelijke meerwaarde spreken nu eenmaal aan. Elke avond naar huis gaan met het gevoel dat je werk ertoe heeft gedaan, daar kan niets aan tippen. Dat merk ik elke dag opnieuw.
Copyright foto: Jolien De Pauw
“Elke dag geef je een stukje van jezelf”
We zetten graag de mensen achter de werkgroepen in de kijker. Wie zijn ze en waar komt hun passie voor verpleegkunde vandaan? Karine Engelen (65 jaar) is verpleegkundige op de dienst cardiale intensieve zorg in het Ziekenhuis Oost-Limburg ZOL en lid van de werkgroep Kritieke Diensten. Hoewel ze al met pensioen mag, denkt ze nog lang niet aan stoppen.
Waarom ben je verpleegkundige geworden?
Dat is een moeilijke vraag. Het voelde voor mij zo vanzelfsprekend dat ik er nooit echt over heb hoeven nadenken. De passie om mensen te helpen is diepgeworteld. Voeg daar mijn interesse voor wetenschappen en de medische wereld aan toe en de keuze was snel gemaakt. Verpleegkundige zijn is een deel van mijn identiteit. Je bent als het ware het hart van het ziekenhuis, want elke dag geef je een stukje van jezelf.
Wat boeit je in je job?
Vooral het menselijke aspect, natuurlijk. Je maakt het verschil in het leven van kwetsbaren en dat geeft een onbeschrijflijke voldoening. Daarnaast hou ik van de veelzijdigheid van de job. Je kan aan de slag bij verschillende diensten en hebt tal van doorgroeimogelijkheden. Verdere specialisaties of opleidingen openen deuren naar hogere functies als verpleegkundig specialist of zelfs managementposities. Zo was ik meer dan twintig jaar opleidingshoofd in de banaba spoed en intensieve zorg in PXL en hielp ik op de werkvloer mee bij de uitrol van het elektronische patiëntendossier. De technische (r)evolutie houdt mijn geest scherp.
Wat is een belangrijke eigenschap van een verpleegkundige?
Een goede verpleegkundige bezit een brede waaier aan vaardigheden, maar empathie staat met stip op één. Zonder inlevingsvermogen kan je niet de juiste zorg bieden. Tegelijk mag je die empathie niet meenemen naar huis. Tegen mijn studenten en startende collega’s zeg ik vaak: “Je mag met alle patiënten meegaan tot aan de buitendeur, niet verder.” Met mijn ervaring voelt het als mijn plicht om de verpleegkundigen van morgen onder mijn vleugels te nemen. Ik ben de eerste om een koffie te gaan drinken met collega’s die het moeilijk hebben.
Wat zijn de mooie momenten op de werkvloer?
De mooie momenten zijn vaak de ontroerende momenten, zoals patiënten beter zien worden en de dankbaarheid die daaruit voortvloeit. Maar soms schuilt het ook in kleine hoekjes: een luisterend oor bieden of de haren wassen na een EEG. Dat maakt voor de patiënt een wereld van verschil.
Zijn er ook minder fijne momenten?
Patiënten loslaten hakt er altijd stevig in, vooral als je lange tijd voor ze zorgde. Daarnaast is het fysieke aspect ook niet te onderschatten. We hollen van hot naar her, draaien lange shiften en kennen geen ritme. Dat eist vroeg of laat zijn tol. Maar het moeilijkste zijn nog altijd de beleidsbeslissingen die tot torenhoge verwachtingen leiden. We krijgen steeds minder tijd om te recupereren en nieuwe collega’s op te vangen. En dat terwijl de teleurstelling na de coronacrisis nog nazindert.
Wat zijn de uitdagingen voor vandaag en morgen voor verpleegkundigen?
Het vinden van een goede work-lifebalance is lastig. De druk op de startende verpleegkundigen is enorm, en het wordt moeilijk om ze gemotiveerd te houden. Dit doet tal van vragen rijzen: hoe blijven we de kwaliteit van de zorg bewaken? Hoe snel kunnen we nog bijbenen met de digitalisering? Hoe gaan we om met de toename van pathologieën door de vergrijzing?
Wat doe je in je vrije tijd?
Ik heb een grote sociale kring en ik ben geëngageerd in verschillende verenigingen. Daarnaast heb ik tal van creatieve uitlaatkleppen zoals fotografie, keramiek, feestjes decoreren en bloemstukken maken.
Juridische vragen en antwoorden #3 – 2025
Heb je nood aan een juridisch antwoord op maat? Dit is gratis voor leden van NETWERK VERPLEEGKUNDE. Je stelt je vraag eenvoudigweg via juridisch.advies@netwerkverpleegkunde.be en de Juridische Adviesgroep NETWERK VERPLEEGKUNDE gaat voor jou op zoek naar het antwoord.
Mogen verpleegkundigen medicatievoorschriften opmaken?
“Verpleegkundigen worden soms onder druk gezet door artsen om medicatievoorschriften in het digitale medicatieprogramma te zetten. De arts controleert en valideert die voorschriften binnen de 24 uur. Intussen wordt de medicatie toegediend op basis van overgeschreven schema’s. Soms zijn dat amper leesbare papiertjes van familieleden of huisartsen, of is de lijst niet volledig. Mag de verpleegkundige dit doen?”
Antwoord:
De huidige wetgeving laat niet toe dat een verpleegkundige medicatie voorschrijft. Het voorschrift moet ondertekend zijn door een arts. Sinds 1 januari 2025 kan de verpleegkundig specialist dat onder bepaalde voorwaarden wel.
Bestaat er al een medicatieschema, dan kan de arts dit vooraf tekenen. Als dit schema telkens overgeschreven moet worden, kan de arts dit vooraf tekenen als een staand order zodat het geldig blijft. In dringende gevallen mag de verpleegkundige de arts telefonisch contacteren en een mondeling voorschrift vragen dat zo snel mogelijk schriftelijk bevestigd wordt. Een niet ondertekend voorschrift mag niet uitgevoerd worden door de verpleegkundige. De verpleegkundige mag ook zelf geen voorschrift maken. Dat is strafbaar. Artsen of directies die verpleegkundigen opdragen niet toegelaten medische handelingen te stellen plegen ook een strafbaar feit. Het ondertekenen van een voorschrift mag volgens de Kwaliteitswet niet gedelegeerd worden.
Mogen zorgkundigen de mobiliteit van patiënten beoordelen?
“Een ziekenhuis houdt in het kader van het ergonomiebeleid mobiliteitsklassen bij in het elektronische patiëntendossier. Enkel verpleegkundigen bepalen en registreren deze score. Mogen zorgkundigen dit ook doen?”
Antwoord:
Het KB van 12 januari 2006 bepaalt de handelingen van de zorgkundigen. Daarin staat dat de zorgkundige in het patiëntendossier de gegevens mag noteren waarvoor hij of zij bevoegd is. Daartoe behoort ook ‘het observeren en signaleren bij de patiënt/resident van veranderingen op fysisch, psychisch en sociaal vlak binnen de context van de activiteiten van het dagelijkse leven (ADL), de patiënt/resident in een functionele houding brengen met technische hulpmiddelen en het toezicht hierop, conform het zorgplan, hygiënische verzorging van patiënten/residenten met een dysfunctie van de ADL, conform het zorgplan’.
Merkt de zorgkundige tijdens deze activiteiten zaken op aan de mobiliteit van de patiënt, mag hij of zij dat noteren in het dossier. Toch is de zorgkundige niet bevoegd om een score te geven of conclusies te trekken. Dit blijft de bevoegdheid van de arts, verpleegkundige of in sommige gevallen de ergotherapeut (KB 27 februari 2019).
Van gesprek met de patiënt naar automatisch verslag
Van gesprek met de patiënt naar automatisch verslag
Administratie is vaak complex en uitvoerig. Daardoor neemt het tijd weg voor de zorg aan patiënten. Slimme tools met AI-technologie bieden opportuniteiten om deze administratieve lasten te verlichten. De Gentse start-up Squire ontwikkelde een tool voor huisartsen, die ook veel potentieel heeft om verpleegkundigen te ondersteunen. “Eens de tool voor huisartsen op punt staat, kunnen we die als basis gebruiken om een software op maat van verpleegkundigen te bouwen”, zegt medeoprichter Stan Callewaert.
Huisartsen spenderen een kwart van hun werktijd aan administratie[1]. Dat betekent minder consultatietijd. Als je weet dat 75 procent van de huisartspraktijken een gedeeltelijke patiëntenstop hebben en een significant deel van de praktijken zelfs een volledige patiëntenstop heeft, liggen daar groeimogelijkheden. Dat dacht ook Stan Callewaert. Samen met zijn vennoot Ignace Maes stampte hij Squire uit de grond. “Ik zei al lang dat ik een eigen bedrijf wilde starten en zocht specifiek een concept met een mooie maatschappelijke impact. Veel van mijn vrienden zijn huisarts en de vriendin van Ignace is dat ook. De stukjes van de puzzel vielen netjes in elkaar toen ik attent gemaakt werd op de zware administratieve last die zij ervaren.”
Uitvoerige research
Er ging een grondige voorstudie vooraf aan de softwareontwikkeling. “Eerst wilden we weten hoe groot het probleem effectief is, ook buiten België”, legt Stan uit. “Wat bleek: alle Europese landen hebben te kampen met patiëntenstops bij huisartsen. In de meeste landen gaat het – net zoals in België – om meer dan één op twee huisartsen die geen nieuwe patiënten aanneemt door de werkdruk. Het administratieve kluwen aanpakken is een grote stap in de goede richting.”
Vervolgens zat Stan samen met meer dan dertig huisartsen om hun noden in kaart te brengen. “Tijdens die interviews stelden we vragen, zonder dat de geïnterviewde wist dat we een tool ontwikkelden om hun administratie te vereenvoudigen. Toch antwoordde 94 procent van hen op de vraag wat ze het minst leuk vinden aan hun job: administratie.” Hoe Squire dat dan exact verlicht? Een microfoontje in de consultatieruimte analyseert het gesprek tussen arts en patiënt. Met behulp van AI analyseert de tool dat gesprek en schrijft automatisch een verslag. Zo een geschreven neerslag van de consultatie is verplicht en vraagt heel veel tijd om manueel te maken. “Intussen testen een vijftigtal huisartsen de tool”, gaat Stan verder. “De basis zit goed. Door nauw met hen te communiceren en geregelde feedbackgesprekken in te plannen, hebben we al enkele verbeterpunten gedetecteerd.”
Kansen voor verpleegkundigen
Squire ziet in verpleegkundigen een volgende interessante doelgroep om te ondersteunen met de AI-tool. “We denken in eerste instantie aan thuisverpleegkundigen die veel onderweg zijn. Door in de auto met onze tool te bellen, kunnen ze een groot deel van hun administratie aan het einde van de werkdag vermijden. Al heeft het ook in ziekenhuizen ongetwijfeld een meerwaarde. In een volgende fase moeten we nauwer inspelen op de exacte noden en administratieve vereisten in kaart brengen van andere zorgverleners om een optimale positieve impact te kunnen maken”, besluit Stan.
Ontdek meer over Squire op hun website.
[1] Rapport: Analyse tijdsbesteding huisarts, in opdracht van de Minister van Volksgezondheid en de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu (2023)