Verpleegkundige consultaties: hoe, wat, wanneer en waarom?
Eind 2023 bracht het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) een rapport uit over verpleegkundige consultaties[1]. Dat wekte heel wat mediabelangstelling op, net zoals vragen in het werkveld. Is een consultatie dan niet enkel voorbehouden aan artsen? Neen, want in de praktijk blijkt dat verpleegkundigen steeds vaker bepaalde consulten uitvoeren. Dat gebeurt voornamelijk bij patiënten met een complexe zorgvraag. Het KCE ging in deze studie na of de raadplegingen veilig, nuttig en kwaliteitsvol zijn en hoe ze in de toekomst verder kunnen worden uitgebouwd in België.
In het buitenland zien we dat verpleegkundigen al langer meer uitgebreide verantwoordelijkheden op zich nemen, zoals het uitvoeren van consultaties. Dat bood de onderzoekers van het KCE de kans om internationaal onderzoek en best practices te raadplegen over dit type consulten in verschillende domeinen zoals cardiovasculaire aandoeningen, oncologie, respiratoire ziektes, diabetes, … Ook de huisartsgeneeskunde en ziekenhuiscontexten kwamen aan bod. Dat leidde tot een zeer grondig literatuuronderzoek van zo’n 473 studies. Het BVVS en professoren Mieke Deschodt en Fabienne Dobbels (KU Leuven) en Tom Goffin (UGent) zetten hier mee hun schouders onder.
Uit het rapport blijkt dat verpleegkundige consultaties even goede, en soms zelfs betere, resultaten opleveren dan de klassieke aanpak bij een arts. Bovendien blijken ze ook volkomen veilig te zijn. Toch zit het werkveld met heel wat vragen. Die leggen we voor aan verpleegkundige van opleiding en KCE-onderzoeker Jens Detollenaere.
Wat zijn verpleegkundige consultaties?
“We constateren dat de expertise en competenties van verpleegkundigen in ons land alleen maar toenemen. Verpleegkundige consultaties kaderen binnen de nood aan innovatieve zorgmodellen om de zorg van morgen te organiseren. We moeten afstappen van een ziektegerichte aanpak en meer kijken naar de patiënt die voor ons zit. Daarom focusten we in dit onderzoek ook op complexe aandoeningen en niet louter op chronische ziektes. Er bestaat geen gevalideerde definitie van verpleegkundige consultaties. Waar het om draait is de interprofessionele samenwerking met andere zorgverleners en de mogelijkheid om een patiënt autonoom en evidencebased te kunnen opvolgen. Verpleegkundigen bieden informatie, advies, ondersteuning en opvolging vanuit een holistisch perspectief. Dat gebeurt op vraag van de arts, andere zorgverleners, patiënten of op initiatief van de verpleegkundige. Het consult kan verschillende vormen aannemen: face-to-face, via telefoon of videocall, een e-consult of aan het bed.”
Wat zegt de wet?
“Daarvoor betrokken we professor Tom Goffin bij het onderzoek. Hoewel er vandaag geen juridisch kader is, kunnen verpleegkundigen activiteiten uitvoeren tijdens verpleegkundige consultaties zolang ze binnen de A-, B- en C-handelingen plaatsvinden. Op dit moment zijn, de consulten niet voorbehouden voor specifieke verpleegkundige profielen. In bepaalde gevallen, flirten verpleegkundigen met de grenzen van wat wettelijk toegelaten is. Voor alle duidelijkheid: een verpleegkundige mag niet voorschrijven. Al vindt het in de praktijk soms wel plaats.”
Wat doen verpleegkundigen tijdens deze consultaties?
“Verpleegkundigen staan in voor de diagnose en gevorderde gezondheidsbeoordeling van patiënten, net zoals voor diagnostische testen of onderzoeken. Daarnaast kunnen ze beslissen over therapeutische behandelingen, doen ze aan preventie, zetten ze in op gezondheidspromotie en gedragsverandering, verwijzen ze patiënten door en hebben ze de bevoegdheid om patiënten in ziekenhuizen en andere diensten op te nemen en/of te ontslaan. Algemeen genomen geven verpleegkundigen aan veel autonomie te ervaren in hun job door deze consultaties.”
Zijn verpleegkundige consultaties nuttig?
“Je moet als zorgsector inspelen op de veranderende behoeften van patiënten met complexe aandoeningen. Daarnaast kunnen we niet rond de personeelstekorten en de vaak lange wachttijden voor een afspraak bij een arts. Uit onderzoek blijkt dat, ondanks de schaarste aan verpleegkundigen, zij wel de juiste beroepsgroep zijn om bepaalde consultaties over te nemen. Bovendien kunnen deze raadplegingen complementair of subsidiair zijn voor de afspraken bij een arts. Dat is een continuüm afhankelijk van de ervaring en opleiding van de verpleegkundige, maar ook van de noden van de individuele patiënt of patiëntengroep.”
Komen alle verpleegkundige profielen in aanmerking?
“In principe wel. Wel zien we dat in het buitenland het merendeel van de verpleegkundigen die zulke consultaties uitvoeren minstens een bachelordiploma hebben, vaak aangevuld met een beroepstitel, beroepskwalificatie, postgraduaat of master. Bij de specialisaties zien we vaak wondzorg, eerstelijnszorg, oncologie en diabetes. Het is dan ook aangewezen dat verpleegkundige consultaties gebeuren door een verpleegkundige met gevorderde klinische expertises en competenties.”
Als verpleegkundige consultaties voorbehouden zijn aan hoger opgeleide verpleegkundigen, komt er dan een overgangsregeling voor verpleegkundigen die wel de ervaring maar niet het diploma hebben?
“Het kabinet Vandenbroucke werkt aan de uitvoeringsbesluiten, maar hoe die concreet eruit zullen zien is nog onduidelijk. Ze worden begin 2024 verwacht.”
Er is nu al een tekort aan verpleegkundigen. Versterken deze consultaties dat niet?
“In de literatuur wordt beschreven dat deze vorm van autonoom werken de aantrekkelijkheid van het beroep en van de patiëntenzorg kan verhogen, met meer carrièremogelijkheden, instroom en retentie van verpleegkundigen als resultaat.”
Zijn verpleegkundige consultaties in alle contexten aangewezen?
“Het onderzoek toont aan van wel. In de internationale best-practices zien we dat verpleegkundige consultaties in alle zorgcontexten geïmplementeerd zijn. Op dit moment zien we dat in België verpleegkundige consultaties geconcentreerd zijn in grote algemene of universitaire ziekenhuizen. Ook in de eerstelijnszorg worden de consulten in een vierde van de gevallen toegepast. De resultaten van ons onderzoek rapporteren geen verpleegkundige consultaties in Belgische woonzorgcentra. Nochtans kunnen deze consultaties belangrijk zijn voor de zorgcontinuïteit. De verpleegkundige die er dagelijks is, heeft namelijk een goed zicht op de noden van elke bewoner. Het kan dan ook een prioriteit zijn om verpleegkundige consultaties in de woonzorgcentra uit te bouwen.”
Wat is het effect op patiënten?
“Uit ons onderzoek blijkt dat de uitkomsten voor patiënten bijzonder positief zijn. Ze kunnen minstens even goede – en soms zelfs betere – resultaten opleveren dan de klassieke aanpak of een consultatie bij een arts. Hun levenskwaliteit en gezondheidsgedrag gaan erop vooruit, net zoals hun therapietrouw. De consultaties zijn ook effectiever op het vlak van mortaliteit en patiënttevredenheid.”
En voor zorginstellingen? Waarom zouden zij inzetten op verpleegkundige consultaties?
“Er is slechts beperkte evidentie om te spreken over een kostenreductie door verpleegkundige consultaties. Bovendien is het effect op heropnames of ongeplande spoedbezoeken minder rechtlijnig. Hoe dan ook is het aangeraden om als zorgorganisatie de impact van deze consultaties te analyseren op het vlak van rolverdeling en werkdruk. Giet in een interprofessioneel afsprakenkader welke verpleegkundige profielen en competenties nodig zijn om consultaties uit te voeren. Uit de literatuur blijkt dat het aangewezen is om af te stappen van het denken in handelingen en om een verpleegkundige competent to practice te maken.”
Komt er een nomenclatuur voor verpleegkundige consultaties?
“Op dit moment bestaat al een nomenclatuurcode voor verpleegkundige consultaties in de thuiszorg. Voorlopig mag dit consult maar één keer per jaar aangerekend worden, maar dat is te weinig wanneer je de continuïteit van zorg wil optimaliseren. In het buitenland zien we dat verpleegkundige consultaties niet via een fee-for-servicesysteem vergoed worden, wel aan de hand van een forfait. Dit moet in België dringend herwerkt worden naar een systeem dat verpleegkundige consultaties aanmoedigt binnen een interprofessioneel kader. Zo mag de verpleegkundige niet meer als kost, maar wel als meerwaarde gezien worden om veilig en in vertrouwen samen te werken.”
De studie gebeurde op basis van buitenlandse bronnen, hoe zit het dan in België?
“We doen in het rapport specifieke aanbevelingen voor de implementatie van verpleegkundige consultaties in de Belgische context. Daarom voerden we naast een literatuuronderzoek ook een uitgebreide survey uit bij 638 Belgische verpleegkundigen. Toch mogen we niet ontkennen dat in ons land nog wat werk aan de winkel is, onder meer om een algemeen juridisch en financieel kader op te stellen. De internationale best practices geven ons een aantal handvaten. Onder meer voor het opstellen van samenwerkingsprotocollen of richtlijnen rond het verschuiven van enkele medische activiteiten. Test bijvoorbeeld een jaar lang uit of een verpleegkundige correct voorschrijft en welke opleiding daarvoor nodig is. Daarnaast hangt in het buitenland de toegang tot de master verpleegkundig specialist af van je ervaring en expertise. Het portfolio, dat verplicht is sinds de invoering van de Kwaliteitswet, is daarvoor een handige tool.”
Wat moet concreet gebeuren om verpleegkundige consultaties in ons land verder te ontwikkelen?
“Start vanuit een behoefteanalyse ten opzichte van het huidige zorgaanbod: wat heeft de patiënt nodig? Dan pas zie je welke bijdrage verpleegkundige consultaties voor een bepaalde patiëntengroep kunnen betekenen, en in welke mate deze meer complementair of subsidiair moet zijn. Hier zal eventueel wat sensibilisering nodig zijn, omdat consultaties traditioneel door een arts gebeuren. Betrek hier de beroeps- en patiëntengroepen actief bij. Daarnaast is het ook aangeraden om het praktijkregister eindelijk te implementeren. Dit is een bijzonder handig planningsinstrument voor verpleegkundigen. Tot slot moeten de opleidingen versterkt worden met competentiegerichte benaderingen en modulaire programma’s voor bijscholing. De implementatie in België zal dus stap voor stap moeten gebeuren, op basis van pilootprojecten, zeker in zorgcontexten waar verpleegkundige consultaties nog niet geïmplementeerd zijn.”
[1] Detollenaere Jens, Dauvrin Marie, Deschodt Mieke, Cerulus Marie, Dobbels Fabienne, Heeren Pieter, Vinck Imgard, Goffin Tom, Van den Heede Koen. Verpleegkundige consultaties voor patiënten met complexe aandoeningen. Health Services Research (HSR). Brussels. Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE). 2023. KCE Reports 373A. DOI: 10.57598/R373AS.
Wit-Gele Kruis West-Vlaanderen wint award patiëntgerichte zorg
Het Wit-Gele Kruis West-Vlaanderen won de Customer-Centered Organization Award als meest patiëntgerichte organisatie in 2023. Met een ijzersterk dossier overtuigden ze een professionele jury ervan dat ze alles op alles zetten om patiënten en hun omgeving te betrekken tijdens hun zorg.
Ben Willaert, directeur Zorg en Kwaliteit Wit-Gele Kruis West-Vlaanderen: “Aangezien we bij het Wit-Gele Kruis zorg verlenen bij patiënten thuis, in hun vertrouwde omgeving, zijn onze thuisverpleegkundigen eigenlijk bij hen te gast. Dit maakt patiëntgerichte zorg voor ons nog belangrijker om op in te zetten. Onze patiënten willen zo lang mogelijk thuis blijven wonen en wensen ook meer en meer de regie van hun zorg mee in handen te nemen. Deze ambities realiseren we makkelijker door hierover met de patiënt en zijn mantelzorgers in dialoog te gaan.”
Nieuwe procedure registratie tot zorgkundige
In het KB van 23 oktober 2023 staat de procedure verduidelijkt voor wie als zorgkundige geregistreerd wil worden. Dat kan door de aanvraag ondertekend en gedateerd met de juiste documenten aangetekend te versturen naar de bevoegde minister van Volksgezondheid.
Met deze procedure wordt tegemoetgekomen aan de vraag van onder meer NETWERK VERPLEEGKUNDE om het attest zorgkundige te verlenen aan studenten buiten de opleiding verpleegkunde. Zo creëren we een vangnet voor studenten die hun studies tot verpleegkundige vroegtijdig beëindigen. Daardoor heeft deze groep ook de mogelijkheid om na hun schoolactiviteiten als zorgkundige aan de slag te gaan.
In het nieuwe KB wordt rekening gehouden met 400 uren theoretisch en minstens 200 uren klinisch onderwijs in twee van de volgende drie gebieden: ziekenhuizen, woonzorgcentra en/of thuiszorg. Daarnaast komen studenten in aanmerking die slaagden voor het eerste jaar van de opleiding verpleegkundige verantwoordelijk voor de algemene zorg, basisverpleegkundige of vroedkundige. Net zoals wie een theoretische en klinische opleiding volgde in de ouderenzorg of wie succesvol minstens 150 uren stage volgde aan het bed van de patiënt, inclusief een stage in de ouderenzorg. Deze laatste twee bepalingen kunnen al dan niet plaatsvinden in het kader van de opleiding verpleegkundige verantwoordelijk voor de algemene zorg, basisverpleegkundige of vroedkundige.
Stijging instroom studenten zorgopleidingen
Goed nieuws voor de zorgopleidingen bij de oktobertelling van de VLHORA. Bij de opleidingen verpleegkunde en vroedkunde zijn mooie stijgingen zichtbaar bij het aantal nieuwe studenten.
De Vlaamse Hogescholenraad (VLHORA) verzamelt jaarlijks op 1 oktober alle inschrijvingscijfers van de 13 Vlaamse hogescholen. Daarmee worden de tendenzen over de verschillende jaren heen in kaart gebracht. De opleidingen verpleegkunde zien het aantal studenten stijgen met 5,9 procent. Bij de vroedkundeopleidingen bedraagt de groei ruim 9 procent. De telling geeft zowel de cijfers weer van professionele bachelor- als graduaatsopleidingen.
Recht in mijn schoenen
Kan en mag je als verpleegkundige zelf beslissen om een onrustige patiënt te fixeren? Moet je als verpleegkundige verplicht hulp bieden als getuige van een verkeersongeval met gewonden? Het praktijkhandboek voor verpleegkundigen ‘Recht in mijn schoenen’ weet raad.
De juridische adviesgroep (JAG) van NETWERK VERPLEEGKUNDE schreef de afgelopen maanden aan een nieuwe uitgave van ‘Recht in mijn schoenen’. Dit praktijkhandboek biedt een antwoord op moreel-ethische en juridische vragen die verpleegkundigen zich in verschillende situaties stellen. De voorbeelden en omschrijvingen zijn uit het leven gegrepen en gebaseerd op ervaringen uit de dagelijkse praktijk.
Wie is aansprakelijk voor de schade die een zorgvrager oploopt na een verkeerd toegediende inspuiting? Of mag je als verpleegkundige wel zomaar medicijnen toedienen die de patiënt thuis in de kast heeft liggen en waarvan de werking gekend is? Elke casus wordt aan de hand van wettelijke bepalingen gekaderd met de nodige verwijzingen en bronnen. De JAG heeft een jarenlange expertise in de wetgeving over de verpleegkundige beroepsuitoefening.
Dit boek loodst de (student)verpleegkundige doorheen de wettelijke bepalingen binnen de beroepspraktijk. Een musthave voor studenten, verpleegkundigen en zorgkundigen om altijd recht in je schoenen te staan.
Letie vzw van start
Op 25 oktober ging de eerste studiedag “Nu of nooit(?)! Op naar een krachtige verpleegkundige discipline in de GGZ” van vzw Letie door. Daarmee zet de vzw haar missie binnen de GGZ kracht bij.
Letie streeft ernaar om de verpleegkundige in de geestelijke gezondheidszorg door kennisontwikkeling en uitbouw van expertise te stimuleren en te ondersteunen. Door wetenschappelijke inzichten en goede praktijkvoering verder te ontplooien, te delen en verspreiden, te implementeren en uit te wisselen wil Letie de identiteit en de meerwaarde van het verpleegkundig beroep in de GGZ versterken. Letie vertrekt vanuit de complementariteit en gelijkwaardigheid van de GGZ-verpleegkunde met patiënten en andere disciplines.
Letie laat zich leiden en inspireren door een sterke GGZ-verpleegkundige body of knowledge en door toonaangevende theoretische kaders. Persoonsgerichte, belevingsgerichte, relationele, herstel- en contextgerichte visies en theorieën vormen de uitgangspunten. Letie engageert zich om de vertaling van deze theorieën en visies naar de praktijkvoering mee vorm te geven. Letie wil daarmee bijdragen aan kwaliteitsvolle GGZ vanuit het domein van de verplegingswetenschap, het onderwijs, de praktijk en het beleid.
De studiedag richtte zich naar verpleegkundig (klinisch) leiders en het verpleegkundig management en directies in de GGZ. Ook verpleegkundigen in een bepaald domein van de GGZ konden inschrijven.
Meer informatie over Letie en toekomstige studiedagen vind je op letie.be.
Wagens thuisverpleging in kleurrijk jasje
Iedereen herkent de haast iconische auto’s waarmee thuisverpleegkundigen van het Wit-Gele Kruis de baan op gaan. Wie in Oostende Chinyere – Chichi voor de collega’s – voorbij ziet rijden op weg naar een patiënt zal voortaan twee keer kijken. Chichi is een van de verpleegkundigen die werd verrast met een kleurrijke, gepersonaliseerde dienstwagen. Een bedankje van het Wit-Gele Kruis dat zijn verpleegkundigen hiermee in de schijnwerpers zet.
De brede glimlach op de bumper van de auto spreekt boekdelen. “Ik lach heel veel dus hebben ze mijn smile op de auto gezet”, grinnikt Chichi. “Ze noemen me wel eens het zonnetje in huis.” Een stralende zon en verwijzingen naar het strand maken de kleurrijke auto compleet. “Hij is heel herkenbaar, hé? De kinderen zien me tegenwoordig al van ver aankomen.”
“Ik was heel erg verrast toen ik de auto zag. Mijn collega’s hebben me na een interne oproep van het Wit-Gele Kruis genomineerd omdat ik altijd open sta voor iedereen. Ik vind het een heel leuk compliment, bovenop de surprise van de dienstwagen. Mijn patiënten zijn ook heel trots. Ze zeggen dat ze vereerd zijn dat ik hun verpleegkundige ben. Al moet ik zelf nog wat wennen aan zo’n opvallende auto.”
E-learning diabetes voor zorgkundigen
Befezo (de beroepsorganisatie voor zorgkundigen) en de Diabetes Liga maken samen werk van een e-learning voor zorgkundigen over diabetes. Deze wordt gekoppeld aan een korte test. Wanneer je slaagt, ontvang je enerzijds een attest dat je competenties en kennis over diabetes aantoont en anderzijds dat je correct een glucosemeting kan uitvoeren. Ongeveer 20 procent van de oudere bevolking kampt met diabetes. Dat cijfer evolueert in de realiteit naar één op vijf senioren, want 37 procent van de ouderen zou niet weten dat ze ziekte hebben. Het is dan ook belangrijk dat zorgkundigen de ziekte goed begrijpen en op een correcte manier het suikergehalte kunnen bepalen.
Meer informatie vind je via diabetes.be/nl/professionelen/e-learning-voor-professionelen/diabetes-voor-zorgkundigen.
Wit-Gele Kruis lanceert mobiele zorgapp
Als eerste thuiszorgorganisatie in ons land stelt het Wit-Gele Kruis een mobiele zorgapp ter beschikking van hun patiënten en mantelzorgers. Zo kunnen zij hun zorg opvolgen via de tablet of smartphone. Ook de zorgpartners van het Wit-Gele Kruis kunnen via de mijnWGK-app op een beveiligde manier het elektronisch verpleegkundig dossier van een patiënt raadplegen. MijnWGK bestaat al sinds 2016. Patiënten en mantelzorgers konden toen via de computer hun dossier al meevolgen. De app die nu gelanceerd is, is gebruiksvriendelijker, eenvoudig en snel toegankelijk.
“De app geeft veel nuttige informatie aan de zorgpartners, de patiënt en de vertrouwenspersoon van de zorgvrager. Naast informatie over de zorg zien ook zij welke informatie de verpleegkundige heeft genoteerd en gedeeld met de arts. Bedoeling is om de functionaliteiten van de app nog meer uit te breiden zodat je de zorg letterlijk kan volgen”, zegt Hendrik Van Gansbeke, algemeen coördinator van het Wit-Gele Kruis. “We merken dat vooral de mantelzorgers of de jongere patiënten nood hebben aan up-to-date informatie over hun eigen zorg of die van hun familielid. Voor het Wit-Gele Kruis is het belangrijk om iedereen te betrekken bij de zorg zodat dat kan worden afgestemd op de noden. We willen die betrokkenheid laagdrempelig maken en geloven dat een app daar een ideaal middel voor is.
Goed verzekerd het jaar in met NETWERK VERPLEEGKUNDE
Een onoplettendheid gebeurt soms sneller dan je denkt. Daarom is het als verpleegkundige, loontrekkend of zelfstandig, nuttig om een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid medische beroepen af te sluiten. Als beroepsorganisatie nam NETWERK VERPLEEGKUNDE al in 1994 het voortouw om zo’n verzekering te ontwikkelen specifiek voor verpleegkundigen. Een polis die gekend staat als de meest volledige en voordelige op de markt. Want hoe groot of hoe klein de schade ook is, er wordt geen vrijstelling aangerekend.
Waarom een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid medische beroepen?
De verzekering die NETWERK VERPLEEGKUNDE aanbiedt dekt schade aan derden die een verpleegkundige tijdens de uitoefening van het beroep kan veroorzaken. Zowel de zelfstandig verpleegkundigen, als de verpleegkundigen in zorginstellingen kunnen deze verzekering afsluiten. Voor zelfstandigen spreekt de meerwaarde van de verzekering voor zich. De verpleegkundige in dienstverband is via de zorginstelling wel verzekerd door de werkgever, maar bij problemen, zoals een klacht van een zorgvrager of een juridische procedure, dekt deze polis ook de rechtsbijstand. Deze verzekering via NETWERK VERPLEEGKUNDE dekt de schadevergoeding aan derden, als de aansprakelijkheid van de verzekerde bewezen is. Door de extra waarborg ‘dekking voor juridische experten’ kan een expert je vertegenwoordigen in medische commissies. Verpleegkundigen hebben ook recht op verdediging bij schuldig verzuim, als de opzettelijkheid wordt uitgesloten.
Wanneer komt de verzekering burgerlijke aansprakelijkheid tussen?
Ook in 2023 kon onze verzekering heel wat verpleegkundigen helpen. Soms gaat het om eenvoudige, dagelijkse handelingen die schade berokkenen aan de zorgvrager of aan het materiaal. Zo liet een verpleegkundige per ongeluk het bedieningsbakje van een elektrisch bestuurbaar bed vallen. De verzekering burgerlijke aansprakelijkheid betaalde de herstellingskosten terug, zonder vrijstelling voor de verpleegkundige in kwestie.
Er zijn nog andere voorbeelden te rapen. Zo morste een verpleegkundige een flesje ontsmettingsalcohol op een eiken tafel, brak de glazen deur door een windvlaag toen een verpleegkundige het huis binnenkwam, raakte de verpleegkundige de huissleutels van een patiënt kwijt of viel de tablet van een zorgvrager met een beperking van het bed op de grond. De herstelling of vervanging werd in deze vier gevallen vergoed door de verzekering.
Al kunnen de voorbeelden ook gerelateerd zijn aan werk- en verzorgingsmateriaal of hulpmiddelen. De steunkousen van een patiënt werden bijvoorbeeld stuk getrokken bij het aandoen. De verzekering vergoedde een nieuw paar. In een ander geval trapte de verpleegkundige op de bril van de patiënt, raakte het gebit verloren in de was of ging de rolstoel kapot door een handeling van de verpleegkundige. Ook daar kwam de verzekering tussen.
Wanneer komt de rechtsbijstand tussen?
De verzekering rechtsbijstand helpt verpleegkundigen wanneer een juridische tussenkomst van een advocaat nodig is. Dat betekent niet meteen een rechtszaak, maar kan ook gaan over een bemiddeling door een ervaren professional. Wanneer je met zulke situaties te maken krijgt, komt de rechtsbijstandspolis van je verzekering tussen.
Recent werden zo opnieuw enkele verpleegkundigen geholpen. Zo was er een situatie waarin de verpleegkundige beticht werd van diefstal. Een advocaat kwam tussen om een gesprek te bemiddelen en de situatie uit te klaren. Zonder extra kosten voor de verpleegkundige. Een andere verpleegkundige werd gestalkt via sociale media door een patiënt. Ook hier behartigde een advocaat de belangen van deze verpleegkundige. Dat gebeurde ook bij het ontslag van een diensthoofd en bij een klacht door de moeder van een patiënt die onder toezicht stond van een thuisverpleegkundige voor het tijdig innemen van anticonceptie.
Ledenvoordeel voor geconventioneerde zelfstandige verpleegkundigen
NETWERK VERPLEEGKUNDE werkt samen met CPS Verzekeringen om elke aangesloten verpleegkundige te ondersteunen in zijn/haar waardevol werk. Dat doen we al meer dan 25 jaar met de meest uitgebreide burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering volledig op maat van verpleegkundigen en zorgkundigen. Deze verzekering beschermt hen en hun praktijk tegen onverwachte situaties. Bij CPS Verzekeringen staat bovendien een team van deskundige adviseurs klaar die kunnen helpen bij het kiezen van de juiste polis die past bij de specifieke behoeften van iedere verpleegkundige en zorgkundige.
Als trouwe partner van NETWERK VERPLEEGKUNDE lanceert CPS Verzekeringen een uitzonderlijke actie voor geconventioneerde zelfstandige verpleegkundigen. Zij kunnen aansluiten bij het pensioenspaarplan aan een verlaagde instapkost van 2,5 in plaats van 4 procent. Leden die er ook een burgerlijke aansprakelijkheidsverzekering afsluiten, betalen zelfs maar 1,5 procent.
Deze vorm van pensioensparen noemt het vrij aanvullend pensioen voor zelfstandigen (VAPZ) en biedt via het RIZIV enkele voordelen:
- Je spaart op een voordelige manier.
- Je ontvangt een gewaarborgde rente.
- Je geniet van een extra pensioen op je pensioenleeftijd.
Wat moet je doen om van de voorwaarden van deze RIZIV-toelage te genieten?
- Geconventioneerd zijn.
- Verstrekkingen geleverd hebben tijdens het premiejaar van minstens 33.000 euro en maximum 150.000 euro. Bij periodes van inactiviteit kunnen deze bedragen verlaagd worden.
- Je activiteit tijdens het premiejaar uitoefenen in hoofdberoep.
- Je contract moet ingaan op uiterlijk 31 december van het jaar waarop je sociaal voordeel van toepassing is.
De toelage voor het premiejaar 2022 bedraagt 548,77 euro. Voor meer informatie kan je altijd terecht op consult@cpsverzekeringen.be. Zij doen het nodige om alle formaliteiten in orde te brengen zodat je de toelage ontvangt waar je recht op hebt.