Prioritering in de zorg: ethisch verantwoord of niet?

Mag een overheid of een zorgorganisatie regels opleggen om bepaalde zorg voorrang te geven op andere wanneer het aanbod onvoldoende de zorgvraag beantwoordt? Het Belgisch Raadgevend Comité voor Bio-Ethiek boog zich over deze vraag en formuleerde het antwoord in een advies.

Prioritering van zorg door een overheid, publieke of particuliere zorgorganisatie: ethisch toelaatbaar of niet? De coronapandemie en bedden die voorbehouden moesten worden voor covidpatiënten gaven aanleiding tot deze adviesvraag bij het Belgisch Raadgevend Comité voor Bio-Ethiek. Zij gingen aan de slag met hun gekende deskundigheid, pluralistische en interdisciplinaire blik en rekenden op de mening van externe experts.

Volgens het Comité heeft prioritering van zorg ingrijpende gevolgen naar de toekomst toe. Centraal in hun advies staat het concept van anticiperen. De kans en het risico dat er zich een nieuwe pandemie voordoet is namelijk reëel. Hetzelfde geldt voor het blijvende personeelstekort. Nu al moeten bedden en afdelingen gesloten worden door gebrek aan zorgverleners. Daarnaast neemt door de vergrijzing de zorgbehoefte toe en zullen meer mensen vanuit een thuissituatie naar het ziekenhuis moeten.

Verder staat in het advies dat ‘de overheid de verantwoordelijkheid heeft om de gezondheid van de bevolking te waarborgen. Om aan deze verplichting te voldoen, moet het beleid gericht zijn op een maatschappelijke organisatie die het nodige zorgpersoneel, de uitrusting en medicatie ter beschikking stelt en de nodige procedures voorziet. Zo kunnen zij beter anticiperen op gebeurtenissen die het zorgsysteem onder druk kunnen zetten en kunnen zij een tekort in het zorgaanbod voorkomen. Het is ethisch niet toelaatbaar om als overheid aan zorgverleners regels op te leggen om tekorten aan te pakken waarvoor de overheid zelf verantwoordelijk is, in het bijzonder wanneer het toepassen van deze regels ertoe leidt dat bepaalde patiënten niet of minder goed worden behandeld. (…) Het Comité is van mening dat het ethisch verantwoord is dat openbare of particuliere zorgorganisaties zoals ziekenhuizen, klinieken, verpleeghuizen, enz. een kader van algemene richtsnoeren opstelt dat moet worden toegepast wanneer zij niet aan de toevloed van zorgaanvragen kunnen voldoen. Deze instellingen moeten werken aan de optimalisatie van de zorg en de medische behandelingen zodat de schaarse middelen optimaal kunnen ingezet worden in het belang van patiënten en op basis van aangetoonde expertise. De morele stress bij zorgverleners moet worden vermeden of althans maximaal verlicht worden.’

Raadpleeg het volledige advies via health.belgium.be/nl/advies-nr-85-prioritering-de-zorg.


Nieuwe algemeen directeur AZ Oudenaarde is verpleegkundige

Het AZ Oudenaarde heeft een nieuwe algemeen directeur. Hans Crampe is verpleegkundige, behaalde een master in de ziekenhuiswetenschappen en volgde nog extra bijkomende opleidingen. Na 23 jaar in het AZ Maria Middelares in Gent, waarvan vijftien jaar als directielid, maakte hij in 2018 de overstap als adjunct algemeen directeur van het AZ Delta in Roeselare. Nu wordt Hans Crampe algemeen directeur van het AZ Oudenaarde. Hans: “Deze functie is een prachtige uitdaging. Ik kijk ernaar uit om samen met alle medewerkers verder te bouwen aan een duurzame verankering van het ziekenhuis. Vanuit onze kleinschaligheid kunnen we een krachtige stempel drukken op kwalitatieve, toegankelijke zorg voor mensen uit de regio binnen het Ziekenhuisnetwerk Gent en afgestemd met andere zorgactoren.”


Recht op deconnectie voor betere work-lifebalance

De nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) over het recht op deconnectie is sinds 17 april 2023 in voege voor alle werkgevers en werknemers die tot het paritair comité van gezondheidsinrichtingen en -diensten behoren. Het heeft als doel een beter evenwicht tussen werk en privé te garanderen en rust- en verlofperiodes te respecteren. Zo worden psychosociale risico’s aangepakt. Onder het recht op deconnectie verstaan we het recht van een werknemer om niet bereikbaar te zijn en werkgerelateerde communicatie te negeren tijdens iedere gewettigde afwezigheid.

Het is de taak van zowel werkgevers als werknemers om de rustperiodes van collega’s te respecteren en dus ook geen contact op te nemen om professionele redenen. Is een werknemer tijdens een wettelijke afwezigheid niet bereikbaar, dan kan die daar ook niet voor gesanctioneerd worden. Deconnectie moet te allen tijde bespreekbaar zijn, samen met een manier om de overdracht van werk te regelen en een systeem om afwezigheden efficiënt te communiceren. Daar kunnen praktische afspraken bijkomen zoals het instellen van een out of office-bericht, e-mails uitgesteld versturen zodat die ’s avonds niet bij de werknemer belanden, vorming en sensibilisering rond digitale hulpmiddelen, …


Departement Zorg stimuleert samenwerking zorg en welzijn

Sinds 1 juni 2023 is het Departement Welzijn, Volksgezondheid en Gezin gefusioneerd met het Agentschap Zorg en Gezondheid. Beide overheidsdiensten vormen nu samen het Departement Zorg, bevoegd voor zorg en welzijn, met 800 medewerkers en een budget van zo’n 7 miljard euro.

Zo moet samenwerking over disciplines en sectoren heen gestimuleerd worden en moet gezondheidszorg een tandem vormen met welzijnswerk. “Chronische ziektes, meervoudige pathologieën, multimorbiditeit, langdurige zorg, … maken van geïntegreerde zorg de uitdaging van de toekomst”, zegt secretaris-generaal van het Departement Zorg Karine Moykens. “Met deze fusie geven we het goede voorbeeld. Zo kunnen we flexibel inspelen op de variatie aan zorgvragen. De bevoegdheden van het Agentschap Zorg en Gezondheid over financiering, zorgberoepen, de Vlaamse Sociale Bescherming, kwaliteit en organisatie van zorg en over gezondheidsbevordering en -bescherming komen in het Departement Zorg samen met beleidsontwikkeling, kennis en onderzoek, databeleid, Zorginspectie, het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden (VIPA), lokaal sociaal beleid, armoedebestrijding en welzijnswerk.”

Concreet is het Departement Zorg verantwoordelijk voor:

  • Beleidsvoorbereiding, beleidsontwikkeling, monitoring en opvolging van de beleidsdomeinen welzijn, volksgezondheid en gezin
  • Erkennen, financieren, inspecteren en de kwaliteit bevorderen en bewaken van de Vlaamse zorg- en welzijnsaanbieders
  • Infrastructuursubsidiëring
  • De organisatie van de Vlaamse sociale bescherming
  • De erkenning van gezondheidszorgberoepen
  • Het bevorderen en bewaken van een gezonde levensstijl en leefomgeving
  • Infectieziektes bestrijden en vaccinatieprogramma’s uitrollen


Verpleegkundige wordt nieuwe directrice-generaal van DGGS

Sabine Stordeur is vanaf 1 september de nieuwe directrice-generaal van DGGS. Ze vervangt daarmee Annick Poncé die de functie drie jaar lang in moeilijke omstandigheden ad interim uitvoerde.

Tijdens de eerste vier jaar van haar carrière werkte Sabine Stordeur als verpleegkundige op de afdeling cardiovasculaire chirurgie in het Universitair Ziekenhuis Saint-Luc. Daarna startte haar academische loopbaan aan de UCLouvain met een doctoraat in volksgezondheid. Daar geeft ze vandaag nog altijd les in gezondheidsbeleid. In 2007 werd ze expert bij het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg (KCE) en in november 2020 werd ze projectmanager van de Task Force Vaccinatie voor COVID-19. Vandaag engageert ze haar voor de volksgezondheid als directrice-generaal van DGGS. Door haar ervaring beschikt ze over onmisbare inzichten die de strategische lijnen en een coherente visie en structuur kunnen uitzetten om de ambitieuze plannen binnen de FOD Volksgezondheid te bereiken.


Update rond wetgeving bekwame helper

Met de introductie van de basisverpleegkundige, maar ook door de nood aan duidelijke richtlijnen, is de wettelijke verankering van de positie van de bekwame helper intussen een feit. NETWERK VERPLEEGKUNDE gaf vanuit de Werkgroep Gehandicaptenzorg mee vorm aan de adviezen voor deze wetgeving.

De bekwame helper is iedere begeleider of coördinator die een basisvorming verpleegkundige handelingen volgde en aan wie de verpleegkundige enkele handelingen delegeert. Deze taken neemt de bekwame helper vrijwilliger op zich en bij twijfel of onduidelijkheid wordt meteen de hulp van een verpleegkundige of arts ingeroepen. Pas na een opleiding heeft de bekwame helper nu de toelating om bij een welbepaalde patiënt technische verstrekkingen uit te oefenen. Die opleiding gebeurt door een arts, een verpleegkundige verantwoordelijk voor algemene zorg of een basisverpleegkundige. Zij stellen ook eventuele bijkomende voorwaarden en waarschuwingscriteria op waar de bekwame helper alert voor moet zijn. Een regelmatige herevaluatie van de situatie en de gezondheidstoestand van de patiënt gebeurt ook door de arts, verpleegkundige verantwoordelijk voor algemene zorg of basisverpleegkundige die de opleiding aan de bekwame helper gaf, rekening houdend met ieders bevoegdheid.

Een document bepaalt de concrete modaliteiten van wat de bekwame helper al dan niet mag doen: welke technische verstrekkingen, onder welke voorwaarden, hoelang en met welke instructie- of opleidingsvoorwaarden. Daarin staat ook de identiteit van de patiënt, de identiteit van de bekwame helper die toelating krijgt en hoe het overleg tussen alle partijen moet verlopen. De patiënt geeft steeds schriftelijke toestemming.

“De wet zal bij veel scholen en voorzieningen de rechtsonzekerheid wegnemen”, zegt Griet Pitteljon, voorzitter van de Commissie Verpleegkundige Handelingen Vlaams Welzijnsverbond. Al ligt het in de praktijk moeilijk dat de gedelegeerde handelingen slechts aan één persoon worden toegekend. In organisaties die met leefgroepen werken is het beter om die toe te wijzen aan een groep van personen. “Ook de administratie moet eenvoudiger, zeker wanneer het gaat over het verplichte overleg. De arts of verpleegkundige stelt vandaag een document op waarin beschreven staat hoe het overleg tussen de bekwame helper en de arts of verpleegkundige zal plaatsvinden. Dat kan makkelijker. Laat, net zoals een regelmatige herevaluatie, het initiatief tot overleg over aan de arts of verpleegkundige, afhankelijk van de complexiteit van de gedelegeerde handeling. Voor het geven van basismedicatie of het aandoen van compressiekousen zijn minder overlegmomenten nodig dan voor het toedienen van sondevoeding.”


Nieuw boek rampengeneeskunde 2023

Het Tijdschrift voor Geneeskunde en Gezondheidszorg bracht eerder in 2023 al een themanummer uit over de voorbereiding op rampen. Daarin werden de paraatheid van onze zorg onderzocht en voorstellen geformuleerd voor de toekomst. Die inzichten zijn nu gebundeld in een handig e-book. Het functioneren van onze eerstelijnszorg op kritieke momenten wordt bekeken, maar ook de verschillen en gelijkenissen tussen ons land en Nederland op vlak van beleidscoördinatie en operationele structuur bij rampen worden uit de doeken gedaan. Daarnaast komen de risico’s van overstromingen van zorginfrastructuur door de klimaatverandering aan bod en gaat een origineel onderzoek op zoek naar een antwoord op de vraag: had ons ons gezondheidssysteem voldoende capaciteit om tijdens de piek van de pandemie ook de terreuraanslagen in Zaventem en Maalbeek het hoofd te bieden?

Het boek kost 14,95 euro en kan je downloaden via tvgg-ebooks.be/product/rampengeneeskunde-uitgave-2023. Voor TVGG-abonnees is dit gratis.


ZoekGezond in de plaats van dokter Google

Om medische informatie correct en betrouwbaar weer te geven bestaat al jaar en dag de website Gezondheid en Wetenschap. Die is er nu ook in smartphone formaat, in de nieuwe app ZoekGezond. In plaats van te googelen naar symptomen en ziektebeelden hoopt initiatiefnemer Cebam dat mensen voortaan via de app naar informatie zullen zoeken. Alle teksten in de app en op de website zijn gebaseerd op wetenschappelijke bewijzen en door Cebam omgezet en actueel gehouden in toegankelijke taal voor burgers en patiënten.


Finaal rapport taakdifferentiatie, taakdelegatie en taakverschuiving bij minister

De werkgroep taakdifferentiatie, taakdelegatie en taakverschuiving leverden eind april hun finale rapport af op het kabinet van Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke. In de werkgroep zaten vertegenwoordigers van verpleegkundigen (HBO5, bachelor en specialisten), zorgkundigen en artsen. Ook NETWERK VERPLEEGKUNDE werkte actief mee.

De opdracht bestond erin kritisch en out of the box na te denken over welke aanpassingen op de Wet op de Uitoefening van de Gezondheidsberoepen noodzakelijk en wenselijk zijn om tot een passende taakverschuiving, taakdelegatie en taakdifferentiatie voor verpleegkundigen te komen. Zo wil de minister toewerken naar kwaliteitsvolle, toegankelijke, werkbare, efficiënte en leefbare zorg die rekening houdt met de tekorten in de zorgsector.

In drie delen geeft het rapport weer waarom verpleegkundigen nog te vaak niet-verpleegkundige taken opnemen en suggereert het oplossingen met duidelijke randvoorwaarden om niet-verpleegkundige taken te identificeren en zo te delegeren. Daartoe werd een uitvoerige lijst opgesteld van (niet-)delegeerbare taken.

Daarnaast wordt ook het gestructureerd zorgteam beschreven, met coördinatie van verpleegkundige zorgen. Er zijn ook voorstellen in verwerkt over hoe de taakverschuiving tussen verpleegkundigen en artsen er uit kan zien en onder welke voorwaarden dit kan gebeuren. De minister noemt het verslag in een persbericht “bijzonder technisch, maar van onschatbare waarde om verder werk te kunnen maken van de noodzakelijke hervormingen. Het geeft de richting aan die we moeten bewandelen.”

Je kan het rapport hier raadplegen.


EU-richtlijn veilig beheer van gevaarlijke geneesmiddelen

Gezonde en veilige arbeidsomstandigheden zijn een voorwaarde voor gezonde en productieve arbeidskrachten. De EU-wetgeving inzake veiligheid en gezondheid op het werk is essentieel om de gezondheid en veiligheid van de bijna 170 miljoen werknemers in de EU te beschermen. Daartoe ontwikkelde Europa een richtlijn voor het veilig beheer van gevaarlijke geneesmiddelen en voor gezondheidswerkers die blootgesteld worden aan deze medicatie. Zij moeten beschermd worden. De richtlijn is gebaseerd op uitgebreide studies en gesprekken met experts en belanghebbenden. Een nood aan verdere opleiding, instructies en richtlijnen was al snel duidelijk, samen met een bindende wetgeving. Het resultaat is nu een breed en praktisch advies over het gebruik van gevaarlijke geneesmiddelen, dat op een eenvoudige en toegankelijke manier wordt weergegeven. Dit document is niet-bindend, maar is wel een handvat voor werknemers en werkgevers.

Je raadpleegt het op netwerkverpleegkunde.be.