Ontwikkeling nieuwe indicatoren rond infectiepreventie

07-03-2022

Het VIKZ of Vlaams Instituut voor Kwaliteit van Zorg heeft als doel zorgkwaliteit en patiëntveiligheid in de Vlaamse gezondheidszorg transparant te maken en verbeteren. Zo bieden ze niet alleen informatie over zorgkwaliteit aan patiënten, maar geven ze ook inzichten aan de zorgsector en aan het beleid. Daar komt voortaan ook de nieuwe pijler infectiepreventie bij.

Het was minister Jo Vandeurzen die in november 2017 het startschot voor het VIKZ gaf. Hij was een van de bezielers die het instituut vorm gaf, waarna de concrete opstart volgde in januari 2019. Het uitgangspunt van dit nieuwe instituut was de sector ondersteunen om kwaliteit van de zorginstellingen op de valide en betrouwbare manier te meten en rapporteren, dit zowel naar het beleid en de sector toe als naar de patiënten. “Bij de start waren er vooral initiatieven in algemene ziekenhuizen en in de geestelijke gezondheidszorg. De resultaten rond patiëntervaringen en -veiligheid, behandelplannen en oncologie vind je op onze website zorgkwaliteit.be”, zegt directeur Svin Deneckere. “Later zijn ook de residentiële ouderenzorg en de eerstelijn ingekanteld. We zijn een overkoepelend orgaan dat een brug wil vormen tussen sector en beleid en zo mee richting wil geven aan het kwaliteitsbeleid. Zo gaan zorgkwaliteit en transparantie hand in hand.”

Dat doet het VIKZ aan de hand van metingen op basis van een set van indicatoren. Die worden evidencebased ontwikkeld samen met de sector. Het VIKZ gaat steeds uit van de vraag hoe kwaliteit gestimuleerd kan worden. “Daar hebben we in Vlaanderen drie pijlers voor: toezicht op de kwaliteit door de zorginspectie, accreditatiesystemen en indicatoren voor een valide, betrouwbare opvolging”, licht Svin toe. “Die indicatoren bieden inzichten  waar kwaliteit verder kan worden verbeterd en hoe die via de Plan-Do-Check-Act-cirkel kan worden geïmplementeerd. Resultaten op patiëntveiligheid, patiëntenervaringen en oncologie zijn momenteel beschikbaar,  indicatoren rond onder meer beroertezorg, decubitus en suïcidepreventie zijn in ontwikkeling.”

Van domeinen naar indicatoren

Het VIKZ probeert ook meer en meer transversaal te werk en ontwikkelt nieuwe domeinen van indicatoren in alle sectoren. Gaande van PROM’s en PREM’s, geneesmiddelengebruik en zorgcontinuïteit tot infectie en infectiepreventie. “En dat laatste is maatschappelijk bijzonder relevant geworden door COVID-19”, zegt Svin Deneckere. “Een van de indicatoren die we nu al meten in AZ en GGZ is basisvereisten handhygiëne en hoe de zorgverlener deze correct toepast. We stelden een plan op om nieuwe indicatoren in dit domein te ontwikkelen. We denken bijvoorbeeld aan het verder inzetten op preventie door een goede handhygiëne in woonzorg, maar ook over de vaccinatie van zorgmedewerkers. Zo werken we op vraag van de Vlaamse Overheid ook mee aan het meten van de vaccinatiegraden voor COVID-19 bij medewerkers in zorgvoorzieningen. Het juist inzetten van antibiotica is ook een piste, net zoals de prevalentie van infecties. Hoe vaak komen bijvoorbeeld in algemene ziekenhuizen bloedstroominfecties, urineweginfecties, postoperatieve wondinfecties, … voor. Door de Vlaamse overheid werd ook de ventilatie in woonzorgcentra als prioriteit naar voor geschoven.”

Deze domeinen liggen nu ter goedkeuring voor aan het projectteam, waarna aan de hand van een projectplan afspraken met de sectoren worden gemaakt. Er komen ook expertengroepen aan te pas om die indicatoren mee op te zetten en af te toetsen aan het werkveld en de wetenschappelijke evidentie. Na de meting van de indicatoren ontvangen de deelnemende voorzieningen feedbackrapporten met hun resultaten en positie ten opzichte van de sector. Pas na goedkeuring van een onafhankelijk toezichthoudend orgaan (Toezichtscommissie), dat de validiteit, betrouwbaarheid en informatieveiligheid bewaakt, volgt de uiteindelijke rapportering naar het publiek toe op Zorgkwaliteit.be. “Tussen intentie en publicatie moet je toch zeker één jaar rekenen”, zegt Svin. “Om bijkomende registratielast te vermijden willen we steeds zoveel mogelijk bestaande databronnen gebruiken. We bekijken dus eerst wat we hebben en welke cijfers ons ook iets vertellen over de kwaliteit. Die moeten bevestigd worden door de experten en de toezichtscommissie, waarna we aan de slag met de verzameling en verwerking van die data.

Sterke partnerschappen

Een serieuze klus voor een relatief kleine organisatie. De partners zijn dan ook onmisbaar. “Zo is het Vlaams Patiëntenplatform een stichtend lid van het VIKZ, die het belang van transparantie van kwaliteit steeds voorop stelt. We werken ook nauw samen met het Stichting Kankerregister, InterMutualistisch Agentschap IMA, en Sciensano. Het onderzoek naar de indicatoren voor infectiepreventie wordt dan weer gefinancierd door Zorgnet-Icuro, ook een stichtend lid van het VIKZ.”

In het onderzoek naar indicatoren voor beroertezorg zijn ook verpleegkundigen nauw betrokken in de ontwikkelingsgroep. “We werken niet enkel met artsen, kwaliteit is van iedereen”, vindt Svin. “Daarom is het belangrijk de resultaten naar iedereen worden teruggekoppeld. Als verpleegkundige kan je ook impact hebben op de indicatoren. Ik denk dan aan het voorbeeld van voorkomen van doorligwonden of een tijdige slikscreening door de verpleegkundige. Patiëntenpeilingen gaan vaak ook tot op de specifieke afdeling terug, dus daar valt voor verpleegkundigen zeker nuttige informatie uit te halen. Zorgkwaliteit legde al een hele weg af. Het is zeker niet enkel meer een taak van de directie of stafmedewerker, maar wel van iedere speler in het zorglandschap.”

De rapporten en de methodologie voor het ontwikkelen van indicatoren vind je terug op zorgkwaliteit.be.